Vier manieren om aan motivatie te werken
Imke De Graaf • 15 februari 2021
Je zit thuis, kunt geen kant op, en gaat maar weer wandelen. Laatst belandde ik, al zwervend door mijn eigen buurt en podcastland, in een interview met Gretchen Rubin, blijkbaar een bestseller-auteur van zelfhulpboeken. Het ging over haar boek The Four Tendencies, dat vier gedragstypen beschrijft. Nu ben ik allergisch voor hokjesdenken, maar ik HOU van quizjes die eindigen in ordening en duiding. In 1990, in Frankrijk aan een meertje, was het ‘Wie wordt jouw vakantiehunk?’ en de laatste jaren zijn het gekleurde petten, matrixen en scans tijdens teamcoaching. Geef mij een test en ik spring erin! Dus Gretchen had me at hello.
In haar boek beschrijft Rubin waarom mensen aan het werk gaan. Wat maakt dat de ene persoon zich wel aan afspraken houdt en de ander niet? Waarom lukt het de een zich aan zijn goede voornemens te houden en maakt een ander ze niet eens? Het heeft te maken met het gewicht dat je toekent aan verwachtingen. Bij het luisteren naar de vier ‘tendencies’ ging ik een beetje harder lopen. Want dit was handig! Bij elke beschrijving zag ik mijn mentorleerlingen voor me die als vanzelf in het juiste vakje gleden.
Hier komen de vier types:
Obliger (Gehoorzamer)
Een Obliger komt verwachtingen van anderen in de regel na. Hij levert opdrachten op tijd in. Hij stopt zijn telefoon weg als dat de afspraak is. Hij komt op tijd op de training. Met verwachtingen die hij aan zichzelf stelt heeft hij meer moeite. Volgende keer écht eerder beginnen met leren? Elke dag tien keer opdrukken? Zonder controle is de kans dat het niet lukt heel groot.
Questioner (Vragensteller)
Een Questioner doet wat van hem gevraagd wordt, als het hem zinvol lijkt. ‘Omdat ik het zeg’ of ‘omdat iedereen dat moet doen’ doen het niet goed bij hem. Hij overtreedt regels als de noodzaak hem niet duidelijk is. Een Questioner wil begrijpen waarom iets op een bepaalde manier gedaan moet worden. Als hij overtuigd is van het nut, lukt het veel beter aan verwachtingen te voldoen, zelf opgelegd of niet.
Upholder (Handhaver)
Een Upholder voldoet zoveel mogelijk aan de verwachtingen van anderen én hanteert daarnaast een flink pakket extra eisen voor zichzelf. In de klas zijn het de leerlingen die hun werk altijd in orde hebben en toch vaak vooral zien wat ze nog laten liggen. Het zijn leerlingen die zich ook los van hun schoolwerk doelen stellen en bewust bezig zijn met ‘een CV opbouwen’, ‘een goede vriendin zijn’, ‘verantwoord leven’ enzovoort.
Rebel (Rebel)
Een Rebel houdt niet van verwachtingen en van iets doen omdat het moet of omdat het nu eenmaal is afgesproken. Hoe minder verplichtingen, hoe beter. Toewerken naar bedachte doelen is niets voor hem. Hij werkt hard als hij ergens lol in heeft of passie voelt, liefst spontaan. Autonomie en (keuze)vrijheid zijn belangrijk.
Ik ga ervan uit dat veel mensen die neigen naar één van deze gedragstypes ook wel kenmerken van andere herkennen. Ik zei al dat ik niet van hokjesdenken houd; we doen niet altijd in elke situatie hetzelfde en we kunnen leren voor ander gedrag te kiezen. Bovendien heb ik het over jonge mensen in ontwikkeling. Maar ik zag hierin wel meteen een makkelijke kapstok; een ingang, een manier om een gesprek over motivatie te beginnen (wow, en een kapstok staat bij de voordeur, waar je binnenkomt! ๐). Want je herkent meteen de voor de hand liggende fout om een Obliger-leerling die niet werkt als er niemand meekijkt op een Questioner-manier te gaan doorzagen over het nut van de leerstof. Geen match.
Dezelfde dag nog heb ik een aantal leerlingen deze archetypen voorgelegd en ze noemden moeiteloos wat zij ‘waren’. Eén Obliger-leerling riep gefrustreerd ‘Ja, dat ben ik! Zo stom, als ik wéét dat er gecontroleerd wordt dan heb ik het gewoon af, maar nu met die lockdown lukt het gewoon niet. Ik loop al een half hoofdstuk achter!’. En zijn door mij als Rebel geïdentificeerde klasgenoot vond het een eye-opener dat het feit dat hij altijd wel wilde voetballen liet zien dat hij geen motivatieprobleem had. Maar dat hij wel moest leren ook zonder motivatie verplichtingen na te komen.
Zelfkennis helpt bij het leren ontdekken van je eigen gebruiksaanwijzing. Als je weet hoe jij ‘werkt’, kun je bedenken wat je moet doen om jezelf ‘aan’ te zetten. Als jij een stok achter de deur nodig hebt kun je jezelf wel eindeloos toespreken om in beweging te komen, maar je kunt ook een stok creëren. Dat is niet valsspelen, dat is gewoon slim. Als jij weet dat jij leeft om aan alle, al dan niet uitgesproken, verwachtingen te voldoen, helpt het om te leren stilstaan bij die hele lijst. Zodat je kunt leren bewust te kiezen.
Wil je aan de hand van deze archetypen in gesprek met een leerling of je kind, klik dan hier
voor een concrete opdracht en hier
voor de bijbehorende handleiding. Wil je meer van dit soort praktische oefeningen om je leerlingen of studenten verder te helpen? Kijk bij het trainingsaanbod of neem contact met me op voor de mogelijkheden.
Was getekend,
Imke De Graaf, Upholder
Moeder van een Questioner en twee Obligers.
Dit delen:

Jaren geleden werd ik heel ziek tijdens een droomvakantie naar Madagaskar. Als ik daaraan terugdenk zie ik de allerliefste piepjonge en beeldschone, in roze gestoken verpleegstertjes boven mijn bed zweven en voel ik de angst. Wat me het meest is bijgebleven van mijn terugreis naar Nederland is het gevoel van de gladde wegen in de taxi van het vliegveld naar huis. Het stond voor veiligheid, zekerheid, en het vertrouwen dat het weer goed zou komen. Thuis, Nederland, waar alles geregeld is. Ik had nooit eerder zo’n diep gevoel van dankbaarheid ervaren voor de staat van onze infrastructuur. Ik wil maar zeggen: soms gebeurt er iets waardoor je alles anders gaat bekijken en ineens heel blij bent met iets dat er altijd al was. Omdat een mens, of in ieder geval ik, dit soort waardevolle lessen snel vergeet, geeft het leven je meerdere kansen om te leren. Afgelopen zomer stond weer een droomvakantie gepland. Ik had een sabbatical genomen van begin schooljaar tot kerst en met de zomervakantie erbij konden mijn man en ik een half jaar reizen. Het afscheidsetentje met de kinderen was al achter de rug; de spullen stonden klaar in de gang. Laat ik het vervolg samenvatten door te zeggen dat het sabbatical werd omgezet in ziekteverlof en dat mijn man en ik wel een half jaar hebben gereisd, maar dan metaforisch gezien, door de medische wereld. Gisteren zat ik bij de bedrijfsarts, om te bespreken of ik weer klaar was om les te geven. Ik vertelde dat ik even de klas in gegaan was om mijn mentorleerlingen te zeggen dat ik terugkwam, en dat ik meteen daarna de wc was ingedoken omdat ik moest huilen. Hij vroeg waarom en ik kwam niet veel verder dan ‘omdat ik dacht…ik ben er weer. Ze zaten ook allemaal zo lief te kijken.’ En toen wist ik het zelf ook weer. Ik ben nog niet de oude en zie op tegen de werkdruk, de stress rondom allerlei organisatorische veranderingen en de onvoorspelbaarheid van een klas. Ik ben bang dat ik focus mis en te emotioneel reageer als het tegenzit. Maar die school, dat is mijn plek. Werken met zo’n club vijftienjarigen, al die individuen die me nieuwsgierig maken en blijven uitdagen, vind ik het allermooist. En als ik dan hoor ‘Hééé mevrouw! Bent u er weer! We hebben u gemist!’ dan voelt dat net als toen met die gladde weg. Kom maar op, 2026.
